– Het wintigeloof van de Afro-Surinamers. (André R.M. Pakosie)
– Gaanman Gazon Matodja award voor zuster Gerda van Dooren en Eddy Dap. (Carla Diemont)
– Vijf kleinkinderen van Alufaisi krijgen Afákacertificaat
– Een zeer ontroerende ervaring. Mijn reis door Europa en het Midden- en Verre Oosten (André, R.M. Pakosie)
– Nieuwe herinneringen. Een reisverslag naar de Tapanahoni (Sherida Asinga)
– Zie waar vrijheid en risico een mens brengen kunnen. Een reisverslag naar Ecuador (Tolin Alexander)
– Maco verbondenheid Surinaamse Marrons en Trinidadianen (Fidelia Graand-Galon)
– Morea Veldhuizen-King. Eerste vrouwelijke kabiten in Nederland en vrouwelijk raadslid van Marron komaf ( Truus L. Koningsbloem)
– Een kritische analyse van de ontdekking van de leeuwekoning van de Mandingo. Ontdekking of Volksbedrog? (André R.M. Pakosie)
– Moeder- en kindzorg en andere geboorterituelen in een traditionele Bosnegersamenleving. (André R.M. Pakosie)
– Boekbespreking. Marrons aan de Djukakreek in de achttiende eeuw (Oso, 16, nr. 2. oktober 1997. Auteur: Silvia de Groot)
– Ter nagedachtenis van da Ayanpan Pinas. (André R.M. Pakosie)
Skrekiboekoe is een autobiografisch boek van Johannes King, de kleinzoon van de Matawai gaanman Kodjo. In 1857 werd hij in zijn dromen aangespoord om zich tot het christendom te bekeren. Na zijn doop leerde hij lezen en schrijven en ondernam vele zendingsreizen naar de Matawai, Saamaka en Ndyuka. Zijn manuscript bestaat uit 3 delen: 1. de komst van de kerk naar Maripaston (1855-1866) en zijn dromen en visioenen. 2. beschrijvingen van visioenen uit een latere periode. 3 naast dromen ook episoden uit de vroege geschiedenis van de Matawai en beschrijvingen van het conflict tussen King en zijn broer gaanman Noah Adrai.
Skrekiboekoe is een autobiografisch boek van Johannes King, de kleinzoon van de Matawai gaanman Kodjo. In 1857 werd hij in zijn dromen aangespoord om zich tot het christendom te bekeren. Na zijn doop leerde hij lezen en schrijven en ondernam vele zendingsreizen naar de Matawai, Saamaka en Ndyuka. Zijn manuscript bestaat uit 3 delen: 1. De komst van de kerk naar Maripaston (1855-1866) en zijn dromen en visioenen. 2. Beschrijvingen van visioenen uit een latere periode. 3 Naast dromen ook episoden uit de vroege geschiedenis van de Matawai en beschrijvingen van het conflict tussen King en zijn broer gaanman Noah Adrai.
Ingeleid door Chris de Beet.
Beschrijving van de geschiedenis en het leven in alle aspecten van de Marrons in het binnenland van Suriname
Over meer dan honderd jaar geschiedenis van het religieuze en sociale leven van de Ndyuka Marrons in Suriname.
Beschrijving van het ontstaan van de Gaan Gadu beweging bij de Ndyuka Marrons in Suriname begin jaren 90 van de negentiende eeuw. De krachtige en rancuneuze God, Gaan Gadu, voerde volgens de auteur een meedogenloze oorlog tegen heksen. De lijken van deze personen werden niet begraven, maar in het bos gegooid voor de gieren.
2 schoolschriften waarin de profetische beweging onder de Saamaka Marrons wordt beschreven. Izaak Albitrouw, een Ndyuka uit Ledidoti, die al vroeg met het christendom in aanraking kwam, werd opgeleid tot evangelist en onderwijzer. In 1892 kreeg hij de leiding over een nieuwe zendingspost Aurora, een Saamakadorp. Niet ver van Aurora ligt het dorp Sofieboeka (Dombikondre) waar de profetische beweging zetelt o.l.v. Paulus Anake. De geschriften van Albitrouw gaan hierover.
Verhandeling over de Marronsamenlevingen en Marroncultuur, waaronder de drumtaal.
Verslag studiedagen over Winti. André R.M. Pakosie was een van de sprekers: ‘Aspecten uit het Wintigeloof’
Aankondiging basiscursus ‘Wintigeneeswijze als aanvulling op de Nederlandse hulpverlening’, georganiseerd door het Wintigeneeskundig Adviesburo Pakosie. Datum 23 april 1994
Interview met André R.M. Pakosie over winti en het verschil tussen de Marron en Creoolse benadering
Gebruik is gemaakt van het manuscript ‘Vo da Missionswroko na Goejaba ofoe Aurora; A begin na 9-1891; En te moro na hoposei’, van de Ndyuka Izaak Albitrouw, waarin een aantal episoden uit de zendingsgeschiedenis van een Marrongemeenschap aan de Suriname rivier (Aurora) wordt behandeld tussen 1891 en 1896. Met name de invloed van de kerk in wording op het dagelijkse leven en de wisselwerking tussen het christendom en de oorspronkelijke religie komen in het manuscript aan bod.